Eerstelijns verblijf in 2017 de Zorgverzekeringswet

Voorheen was het mogelijk om kortdurend te worden opgenomen op basis van een subsidieregeling onder de Wet langdurige zorg. Vanaf 2017 valt de aanspraak op en bekostiging van eerstelijns verblijf (ELV) binnen de Zorgverzekeringswet (Zvw), conform andere kortdurende verblijfssituaties met een medische noodzaak. Deze wettelijke wijziging heeft gevolgen voor de verwijzing naar ELV. Menzis heeft eerstelijns verblijf voor haar verzekerden gecontracteerd. Hieronder vindt u beknopte (aanvullende) informatie over ELV.

Eerstelijns verblijf  is medisch noodzakelijk kortdurend verblijf ‘in verband met zorg, zoals huisartsen die plegen te bieden’. Zorg in eerstelijns verblijf is gericht op herstel van de patiënt en daarmee gericht op de terugkeer naar huis. Eerstelijns verblijf is bedoeld voor kwetsbare mensen die tijdelijk niet meer of nog niet verantwoord in hun eigen woonomgeving kunnen verblijven vanuit generalistisch geneeskundig oogpunt, maar waarvoor geen opname in een ziekenhuis of andere zorginstelling met medisch specialistische behandeling of (geriatrische) revalidatiezorg is aangewezen. 

Patiënten kunnen via verschillende wegen instromen in een eerstelijns verblijfsvoorziening:

  1. Vanuit de thuissituatie;
  2. Na een opname in het ziekenhuis;
  3. Vanuit de geriatrische revalidatiezorg (GRZ). 

Naast de huisarts, medisch specialist en specialist ouderengeneeskunde hebben andere zorgverleners zoals de transfer- en wijkverpleegkundigen,  een veelal signalerende en adviserende functie naar de verwijzers. Voor de afweging van passende zorg is het van belang de juiste professionals te betrekken. Daartoe hebben veldpartijen gezamenlijk het afwegingsinstrument voor opname ELV ontwikkeld. 

 

De indicatiestelling wordt vanaf 1 januari 2017 niet meer door het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ) gedaan. De verantwoordelijkheid van het verwijzen wordt overgedragen aan de hoofdbehandelaar van de patiënt. Dit kan de huisarts, de medisch specialist na opname in een ziekenhuis, en de specialist ouderengeneeskunde (SOG) na opname in geriatrische revalidatiezorg betreffen. De transfer- of wijkverpleegkundigen hebben in het belang van hun patiënt een adviserende functie indien zij signaleren dat de patiënt mogelijk op ELV is aangewezen. De ontvangend arts ( huisarts, SOG of Arts Verstandelijk Gehandicapten (AVG ) deelt het oordeel van de verwijzer en neemt de verantwoordelijkheid over binnen ELV.
ELV betreft generalistische zorg, zowel de huisarts, SOG of AVG kunnen deze zorg leveren. Indien gewenst kan de huisarts de verantwoordelijkheid overdragen aan de specialist ouderengeneeskunde of een arts verstandelijk gehandicapten. Veldpartijen hebben een voorzet gegeven voor de te maken afwegingen hierin, die de LHV in haar berichtgeving uiteen heeft gezet. Afwijkingen van dit uitgangspunt zijn mogelijk, indien hierover andere regionale, lokale of op de situatie van de patiënt afgestemde afspraken zijn gemaakt, bijvoorbeeld in verband met continuïteit van zorg.

Op de verwijzing is duidelijk zichtbaar wat uw professie is, welk type ELV - ELV laag complex, ELV hoog complex of ELV palliatieve zorg - uw patiënt behoeft en de datum van aanmelding. Indien men niet in aanmerking komt voor een indicatie ELV, maar er is om andere (niet-medische) redenen een opname nodig waarbij 24-uurs toezicht vereist is, kan het zijn dat de patiënt recht op Respijtzorg heeft, geregeld door de gemeente. Indien er geen sprake is van haalbare revalidatiedoelstellingen en verwacht wordt dat de patiënt langdurig zorg behoeft, dient er contact gelegd te worden met het CIZ voor een Wlz.-indicatie. De indicatiestelling voor ELV en daarop volgende verwijzing hoeft niet actief aangeleverd te worden bij Menzis, echter dient deze wel onderdeel uit te maken van het zorgplan/medisch dossier van de patiënt.

LET OP: de productenstructuur voor ELV is tussen 2016 en 2017 dusdanig veranderd dat behandeling ook onderdeel uit gaat maken van ELV laag complex. Menzis is van mening dat het van essentieel belang is dat de Specialist Ouderen Geneeskunde bij de behandeling van uw (verwezen) patiënt betrokken is, omdat dit kan bijdragen aan een integraal zorgaanbod en aan volwaardig herstel van uw patiënt.

Er zijn drie prestaties ELV:

  1. ELV laag complex;
  2. ELV hoog complex; en,
  3. ELV palliatieve zorg.

 Deze prestaties omvatten de volgende componenten.

  • Verblijf voor zorg die medisch noodzakelijk is. Huisvestingskosten, kosten inventaris, eten en drinken, schoonmaak, linnengoed, outillagemiddelen, etc. zijn hierbij inbegrepen.
  • 24-uurs beschikbaarheid en zorglevering van verpleging en/of verzorging.
  • De geneeskundige zorg geleverd door de specialist ouderengeneeskunde en arts verstandelijk gehandicapten. Bij de geneeskundige zorg is ook de eerstelijns diagnostiek, uitgevoerd door de specialist ouderengeneeskunde en arts verstandelijk gehandicapten, inbegrepen.De paramedische zorg geleverd in het kader van de ELV indicatie (fysiotherapie, oefentherapie Mensendieck/Cesar, logopedie, diëtetiek en ergotherapie).


    De volgende componenten vallen niet binnen de prestaties:
  • De diagnostiek die is uitgevoerd door een zorgaanbieder anders dan de specialist ouderengeneeskunde en arts verstandelijk gehandicapten of op een andere locatie dan in de ELV-setting, valt buiten de prestatie. Het tarief moet apart in rekening worden gebracht. 
  • Paramedische zorg die niet samenhangt met de indicatie voor verblijf. Dat betekent dat indien een patiënt thuis al paramedische zorg ontvangt, voor een ándere indicatie dan die waarvoor hij/zij in het eerstelijnsverblijf is opgenomen, en deze zorg wordt voortgezet, deze zorg apart via de reguliere beleidsregel van de paramedische zorg in rekening wordt gebracht.
  • Farmaceutische zorg valt buiten het tarief en moet apart in rekening worden gebracht.
  • De geneeskundige zorg geleverd door de huisarts zit niet in het tarief inbegrepen en wordt via de prestaties van huisartsenzorg gedeclareerd. 

De huisarts declareert de zorg die hij levert binnen het eerstelijns verblijf, op eigen prestaties. Zie de website van de NZa. De huisarts kan aparte verrichtingen declareren voor de zorg die geleverd wordt aan patiënten die verblijven in een setting voor ELV.

  • Huisartsenzorg eerstelijns verblijf, dag korter dan 20 min
  • Huisartsenzorg eerstelijns verblijf, dag 20 min en langer
  • Huisartsenzorg eerstelijns verblijf, ANW korter dan 20 min
  • Huisartsenzorg eerstelijns verblijf, ANW 20 min en langer

Voor het leveren van intensieve zorg aan terminale patiënten of patiënten met een bepaald CIZ- profiel die tijdelijk verblijven bij een ELV-zorgaanbieder, kunnen huisartsen de verrichting Intensieve zorg declareren.

Voor 2017 heeft Menzis de huidige aanbieders met een contract vanuit de subsidieregeling ELV binnen de Wlz, gecontracteerd. Dit gecontracteerde aanbod is te vinden op onze Zorgvinder.

Inzicht in de regionale capaciteit en de procedure voor verwijzing naar ELV zal per Menzis regio uitgewerkt worden.
ELV en Geriatrische Revalidatie Zorg (GRZ) maken deel uit van één zorgcontinuüm. Op De nieuwe praktijk (VWS) is duidelijk in beeld gebracht waar de patiënt terecht kan en welke criteria/voorwaarden er gelden bij welk type zorg. De LHV zal een webbased instrument eveneens op haar website plaatsen. 

Wat krijgt uw patiënt vergoed bij gebruik van ELV? Bij gebruik van ELV wordt het eigen risico in rekening gebracht.

Indicatie vóór 1 oktober 2016
Heeft de verzekerde vóór 1 oktober 2016 een indicatie gekregen van het CIZ voor eerstelijns verblijf, dan blijft de verzekerde recht houden op eerstelijnsverblijf tot het einde van die indicatie.

Indicatie ná 1 oktober 2016
Heeft de verzekerde ná 1 oktober 2016 een indicatie gekregen dan geldt het volgende:

  • bij de indicaties 'eerstelijnsverblijf basis (VV3)' en 'eerstelijnsverblijf intensief (VV6)' houdt men recht op de zorg tot maximaal 3 maanden na de ingangsdatum van de indicatie. De herindicatie dient terug te vinden zijn in het zorgplan/medisch dossier van de patiënt en hoeft u niet actief bij Menzis aan te leveren.
  • bij de indicatie 'eerstelijnsverblijf palliatief terminale zorg (VV10)' houdt de verzekerde recht op de zorg tot maximaal 3 jaar na de ingangsdatum van de indicatie.

Aanspraak op het overgangsrecht ELV eindigt wanneer er voor de geïndiceerde zorg geen medische noodzaak meer bestaat.
De verzekerde mag de zorg blijven ontvangen van dezelfde zorgaanbieder.

De verzekerde heeft vooraf toestemming van Menzis nodig als het verblijf langer dan 6 maanden duurt. Dit kan u, in overleg met de patiënt, namens hem/haar regelen. Deze 6 maanden gaan in vanaf het moment dat eerstelijnsverblijf binnen de Zvw valt (per 01-01-2017). Dit geldt enkel voor ELV laag of hoog complex. De gegevens die uw hoofdbehandelaar bij Menzis aan dient te leveren en de wijze waarop, verschijnt in de loop van dit jaar online.


Meer eerstelijns verblijf

Op de website van Menzis worden cookies gebruikt. Dit doen we om het gebruik van de website te vergemakkelijken en om onze website te verbeteren op basis van analyses. We gebruiken ook cookies om u relevante persoonsgerichte inhoud te kunnen laten zien en voor social media toepassingen. Gaat u akkoord? Dan geeft u Menzis toestemming voor het plaatsen van alle soorten cookies. U kunt desgewenst uw voorkeur aanpassen via de link "instellingen". Meer informatie vindt u in onze cookiepolicy