Het medicijntekort: een veelkoppig monster
Wat is er aan de hand?
Je komt bij de apotheek en jouw medicijn is er niet. Dat is vervelend en kan zorgen geven. Medicijntekorten komen helaas voor. Er is meestal niet één oorzaak. Vaak spelen meerdere dingen tegelijk mee, zoals productieproblemen, vertraging in het vervoer, een grotere vraag naar een medicijn of internationale spanningen.
Hier lees je hoe medicijntekorten ontstaan, wat dit voor jou kan betekenen en wat Menzis doet om tekorten te voorkomen of op te lossen.
Wanneer is er sprake van een medicijntekort?
Niet alle bedrijven (apotheken, groothandels, fabrieken) en de Overheid gebruiken dezelfde telmethode als het gaat om een medicijntekort. Daardoor kunnen cijfers over tekorten verschillen. Soms lijkt er volgens de ene organisatie wel een tekort te zijn, terwijl een andere organisatie dat niet zo noemt. In het kort:
Europees Geneesmiddelen Agentschap
Het Europese Geneesmiddelen Agentschap noemt iets een tekort als er in een land niet genoeg van een medicijn beschikbaar is voor iedereen die het nodig heeft. Als één leverancier een medicijn tijdelijk niet kan leveren, maar andere leveranciers nog wel genoeg voorraad hebben, is er volgens deze definitie dus geen tekort. Het gaat dus om de vraag of patiënten het medicijn uiteindelijk nog kunnen krijgen.
Apothekersorganisatie KNMP
De apothekersorganisatie KNMP gebruikt een ruimere uitleg. Als apothekers melden dat een medicijn van een specifieke leverancier landelijk niet beschikbaar is en dit waarschijnlijk langer dan 14 dagen duurt, publiceert KNMP Farmanco dit als tekort. Daardoor telt de KNMP een tekort als bijvoorbeeld één leverancier een medicijn niet kan leveren maar de andere leveranciers nog wel. Zo telt de KNMP veel meer tekorten dan organisaties die de definitie van het Europees Geneesmiddelen Agentschap gebruiken.
Meldpunt Geneesmiddelentekorten
In Nederland houden het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) via het Meldpunt Geneesmiddelentekorten bij welke medicijnen mogelijk niet beschikbaar zijn. Fabrikanten zijn verplicht om een dreigend tekort melden. Als een medicijn nergens in Nederland beschikbaar is, kan het Meldpunt toestemming geven om het tijdelijk uit het buitenland te halen. In die situatie wordt het medicijn op dezelfde manier vergoed als een Nederlands medicijn.
Wat betekent een tekort voor jou?
Echte tekorten waarbij een medicijn door geen enkele leverancier meer geleverd kan worden, komen gelukkig niet vaak voor. Maar als jouw medicijn er niet is, kan dat veel impact hebben. De apotheker kijkt dan samen met de arts of er een oplossing is. Soms is er een vergelijkbaar medicijn beschikbaar. Soms kan een medicijn tijdelijk uit het buitenland worden gehaald door de leverancier zelf (dit mag) of door de apotheek zelf worden gemaakt. Als er toch een echt tekort is en import uit het buitenland nodig is, vergoedt Menzis het buitenlandse medicijn volgens de geldende afspraken. Je betaalt dan wel het eigen risico. Een echt probleem ontstaat als een geneesmiddel in geen enkel land meer te krijgen is.
Voorkeursmedicijnen zijn vrijgesteld van eigen risico
Voor de meeste zorg, behalve voor huisartsenzorg, betaal je eerst eigen risico. Dat geldt ook voor medicijnen. Alleen voorkeursmedicijnen zijn vrijgesteld van eigen risico. Krijg je een voorkeursmedicijn (zogenoemde ‘preferentiebeleid’) van Menzis? Dan betaal je daar geen eigen risico over. Als dat voorkeursmedicijn door een landelijk tekort tijdelijk niet verkrijgbaar is en de apotheek je een ander merk of een product uit het buitenland meegeeft, geldt het eigen risico wel. Je ondervindt dan geen nadeel door het voorkeursbeleid zelf, maar je mist tijdelijk wel het financiële voordeel ervan omdat je het medicijn van een ander merk krijgt. Je betaalt hiervoor wel vanuit jouw eigen risico, tot de € 385 volledig betaald is.
Soms betaal je daarnaast voor sommige medicijnen een eigen bijdrage. De overheid bepaalt voor welke medicijnen dat geldt. De eigen bijdrage is maximaal € 250 per jaar. In een deel van deze gevallen betaalt de fabrikant van een geneesmiddel deze eigen bijdrage aan jou terug. Jouw apotheek kan je vertellen of dit zo is.
Hoe ontstaan medicijntekorten?
Een medicijntekort kan veel oorzaken hebben. Soms is een belangrijke grondstof tijdelijk niet beschikbaar. Soms is er een probleem in de fabriek, bijvoorbeeld door een kwaliteitscontrole, een terugroepactie, een staking, een natuurramp, internationale spanningen of een pandemie. Ook kan de vraag naar een medicijn ineens veel groter worden dan verwacht. Ook het vervoer en verdeling kunnen problemen geven. Denk aan vertraging bij de douane, transportproblemen of een beperkte voorraad bij groothandels. Soms worden medicijnen die voor Nederland bedoeld zijn, naar een ander land verkocht. Daardoor kan er in Nederland tijdelijk minder beschikbaar zijn.
Wat is voorkeursbeleid (preferentiebeleid)?
Van sommige medicijnen bestaan meerdere merken met dezelfde werkzame stof en sterkte. Een zorgverzekeraar kan dan één leverancier aanwijzen als voorkeursleverancier. Dat heet voorkeursbeleid, ook wel preferentiebeleid. De zorgverzekeraar kijkt daarbij naar prijs, kwaliteit en de zekerheid dat het medicijn geleverd kan worden. Het doel van het voorkeursbeleid is om goede medicijnen betaalbaar te houden voor verzekerden.
Bij voorkeursmedicijnen betaal je bovendien geen eigen risico. Als de beschikbaarheid of veiligheid van patiënten in gevaar komt, kan de zorgverzekeraar het voorkeursbeleid loslaten. Dan kunnen bijvoorbeeld ook medicijnen van een ander merk worden vergoed. Hierbij geldt wel dat de kosten ten laste komen van het eigen risico.
Door afspraken te maken over prijs en levering blijven medicijnen betaalbaar. De besparing helpt om de zorgkosten en daarmee de premie voor alle verzekerden lager te houden.
Wat wordt er gedaan aan de tekorten?
Veel organisaties werken samen om medicijntekorten te voorkomen en op te lossen. Dat gebeurt in Nederland en in Europa. Het gaat bijvoorbeeld om overheid, fabrikanten, groothandels, apotheken, zorgverzekeraars en toezichthouders.
Om Europese tekorten te voorkomen, hebben we in de Europese Unie nieuwe regels afgesproken en hebben we in ons land al extra voorraden aangelegd. Alle partijen die met de geneesmiddelenvoorziening in Nederland samenwerken, van Overheid tot groothandels, apothekers en ook zorgverzekeraars, doen er alles aan om tekorten te verminderen en zoveel als kan zorg te dragen voor de beschikbaarheid.
Er is een Meldpunt Geneesmiddelentekorten dat tekorten in kaart brengt en maatregelen kan nemen.
Leveranciers en groothandels werken met extra voorraden. Daarvoor betalen de zorgverzekeraars. Zo moet er bij een dreigend tekort meer voorraad beschikbaar blijven. Als een medicijn echt niet beschikbaar is en het Meldpunt toestemming geeft, kan het tijdelijk uit het buitenland worden gehaald. Menzis vergoedt dat medicijn volgens de geldende afspraken.
Menzis heeft een zorgplicht. Dat betekent dat wij moeten helpen zorgen dat verzekerden de zorg krijgen die zij nodig hebben. Menzis past daarom het inkoopbeleid aan als dat nodig is om de kans op tekorten kleiner te maken. Maar één partij kan het probleem niet alleen oplossen. Apotheken, groothandels, leveranciers, overheid en zorgverzekeraars moeten samenwerken om te zorgen dat patiënten hun medicijnen kunnen krijgen.
Wie zijn betrokken bij medicijntekorten?
- Apotheken bestellen medicijnen bij groothandels of leveranciers en helpen patiënten als een medicijn niet beschikbaar is.
- Fabrikanten en leveranciers maken medicijnen. Grondstoffen komen vaak uit landen als China en India. De productie vindt onder meer plaats in Europa en India. Leveranciers van geneesmiddelen moeten een extra voorraad aanhouden van 6 weken.
- Groothandels kopen medicijnen in en leveren ze aan apotheken.
- Zorgverzekeraars betalen de apotheken voor de geleverde zorg en medicijnen. Zorgverzekeraars kopen medicijnen niet zelf in, maar maken wel afspraken over voorkeursleveranciers. Daarnaast betalen verzekeraars de groothandel om van preferente geneesmiddelen een extra voorraad aan te leggen. Zo verkleinen we de kans op een leveringsprobleem.
- Overheid en toezichthouders stellen regels op, controleren de veiligheid van medicijnen en houden toezicht op het zoveel mogelijk voorkomen van tekorten. De overheid zorgt ook voor extra voorraad van bepaalde geneesmiddelen via een subsidieregeling met de groothandels.
- Verzekerden merken het direct als een medicijn niet beschikbaar is. Dat kan frustrerend zijn.